“We zitten midden in een historische mobiliteitstransitie”

Elektrificatie, digitalisering, internationale concurrentie en strengere regelgeving zorgen ervoor dat de mobiliteitssector sneller verandert dan ooit. Volgens Fries Heinis, algemeen directeur van RAI Vereniging, bevinden we ons midden in een historische omslag waar later nog lang op teruggekeken zal worden. 

Sinds anderhalf jaar staat Heinis aan het roer van RAI Vereniging. Daarvoor was hij onder meer tien jaar directeur van Bouwend Nederland en eerder actief binnen de Vereniging van Waterbouwers en VNO-NCW. De rode draad in zijn loopbaan is het verbinden van bedrijfsleven, politiek en maatschappelijke ontwikkelingen. Juist dat verenigingsleven spreekt hem aan: ondernemers ondersteunen, belangen behartigen en samen bouwen aan de toekomst van een sector.  

De mobiliteitswereld waarin Heinis terechtkwam, noemt hij “superspannend”. Niet alleen vanwege de technologische ontwikkelingen, maar vooral vanwege de omvang van de verandering die nu plaatsvindt. De huidige transitie is volgens hem nauwelijks te vergelijken met eerdere veranderingen in de sector. 

“Over honderd jaar kijken we terug op deze periode als de omslag van brandstof naar elektrische mobiliteit. Misschien moet je voor vergelijkbare veranderingen terug naar de uitvinding van de auto, het vliegtuig of de computer. We zitten er nu middenin, maar dit is zo’n grote omslag dat het zijn gelijke bijna niet kent.”

Vrijwel ieder onderdeel van de sector wordt geraakt door die transitie. Van personenauto’s en bedrijfswagens tot fietsen en logistiek: overal zoeken bedrijven naar nieuwe technieken, andere verdienmodellen en manieren om duurzamer te werken.  

Tegelijkertijd zorgen internationale spanningen, handelstarieven, geopolitieke ontwikkelingen en de snelle opkomst van Chinese fabrikanten voor extra dynamiek en onzekerheid binnen de markt. De concurrentie vanuit China noemt Heinis fors, maar tegelijkertijd ziet hij hoe snel Chinese bedrijven zich technologisch ontwikkelen. Sommige Chinese bedrijven zijn inmiddels zelfs aangesloten bij RAI Vereniging.  

Ondernemers opereren daardoor in een sector die continu in beweging is. Volgens Heinis zijn het juist dit soort periodes van onrust, geopolitieke spanningen en nieuwe marktontwikkelingen waarin brancheverenigingen echt van toegevoegde waarde kunnen zijn voor ondernemers en leden. 

“Die cocktail van handelstarieven, oorlogen, geopolitieke spanningen en nieuwe markten maakt deze periode ontzettend spannend, maar ook enorm interessant.”

Ondernemers zoeken naar houvast 

De snelheid waarmee ontwikkelingen elkaar opvolgen, maakt het voor veel bedrijven lastig om keuzes voor de lange termijn te maken. Zeker binnen de vrachtwagensector bestaan momenteel meerdere technologieën naast elkaar. Waterstof, batterij-elektrisch en biobrandstoffen ontwikkelen zich tegelijkertijd en ondernemers proberen te bepalen welke richting het meest toekomstbestendig is.  

Daar komt nog een extra uitdaging bij: onzekerheid vanuit de overheid. Vooral fiscale regelingen en autobelastingen veranderen voortdurend, terwijl ondernemers juist behoefte hebben aan stabiliteit en voorspelbaarheid. 

Nederland behoort tot de landen waar mobiliteit zwaar belast wordt. Dat hoeft volgens Heinis niet direct een probleem te zijn, zolang ondernemers weten waar ze de komende jaren aan toe zijn. Maar juist die duidelijkheid ontbreekt volgens hem vaak. 

“De overheid draait continu aan knoppen. Dat maakt het voor bedrijven lastig om koers te houden.”

Technologie ontwikkelt sneller dan systemen kunnen bijhouden 

Dat de techniek zich razendsnel ontwikkelt, staat buiten kijf. Digitalisering, robotisering en innovaties binnen automotive volgen elkaar in hoog tempo op. De grootste uitdaging zit inmiddels niet meer in de technologie zelf, maar vooral in de vraag of systemen, regelgeving en infrastructuur het tempo nog kunnen bijhouden. 

Een voorbeeld daarvan is bidirectioneel laden: elektrische voertuigen die niet alleen stroom ontvangen, maar ook kunnen terugleveren aan het energienet. Technisch zijn die toepassingen al mogelijk, maar in de praktijk lopen netbeheerders, regelgeving en laadinfrastructuur nog achter op die ontwikkeling.  

Juist daar liggen enorme kansen voor de toekomst. Wanneer miljoenen autobatterijen straks slim gekoppeld kunnen worden aan het elektriciteitsnet, kan de mobiliteitssector een belangrijke bijdrage leveren aan de energietransitie. Die ontwikkeling laat tegelijkertijd zien hoe sterk innovatie en duurzaamheid inmiddels met elkaar verweven zijn geraakt. 

De sector neemt steeds vaker zelf initiatief 

Duurzaamheid wordt binnen de sector allang niet meer alleen gezien als een verplichting of beleidsdoel. Bedrijven nemen steeds vaker zelf initiatief en zoeken actief naar manieren om slimmer, schoner en circulairer te werken. 

Een goed voorbeeld daarvan is de recycling van voertuigen en batterijen. Via Auto Recycling Nederland worden voertuigen al jarenlang op grote schaal gerecycled. Inmiddels gebeurt dat ook steeds meer voor batterijen van auto’s en scooters. Daarnaast wordt via Stichting OPEN gewerkt aan de inzameling en recycling van fietsbatterijen.  

Daarmee laat de sector volgens Heinis zien steeds vaker zelf verantwoordelijkheid te nemen. Producenten, importeurs en brancheorganisaties organiseren gezamenlijk systemen voor inzameling, recycling en financiering daarvan. 

Tegelijkertijd vindt Heinis dat daar nog te weinig aandacht voor is. Volgens hem wordt onvoldoende zichtbaar gemaakt hoeveel er binnen de sector al gebeurt op het gebied van duurzaamheid en circulariteit. 

“De markt is vaak sneller en goedkoper dan een overheid kan zijn.” 

Samenwerking als fundament 

Samenwerking loopt als een rode draad door het verhaal van Heinis. RAI Vereniging bestaat inmiddels meer dan 130 jaar en werkt samen met fabrikanten, ondernemers, leasemaatschappijen, kennispartners en andere brancheorganisaties.  

Ontwikkelingen volgen elkaar inmiddels zo snel op dat bedrijven de uitdagingen nauwelijks nog alleen kunnen oplossen. Daardoor wordt samenwerking binnen de sector steeds belangrijker. 

Ook de rol van brancheverenigingen verandert daarin mee. Waar organisaties vroeger vooral gericht waren op lobby en belangenbehartiging, verschuift de focus steeds meer richting ondersteuning van ondernemers in de praktijk. 

Twintig jaar geleden draaide het vooral om collectieve belangenbehartiging. Tegenwoordig helpen brancheverenigingen bedrijven ook met certificering, trainingen, kennisdeling en praktische ondersteuning. Vooral kleinere bedrijven hebben daar behoefte aan, terwijl grotere bedrijven juist veel waarde hechten aan lobby en strategische belangenbehartiging.  

Praktische ondersteuning via het IvDM 

Binnen die ontwikkeling speelt het Instituut voor Duurzame Mobiliteit een belangrijke rol. Het kennisinstituut werd opgericht door RAI Vereniging en BOVAG vanuit de gedachte dat de sector zelf verantwoordelijkheid moet nemen en ondernemers praktisch moet ondersteunen. 

Volgens Heinis werkt een praktische aanpak vanuit de markt vaak sneller en effectiever dan wanneer oplossingen volledig vanuit de overheid komen. Die gedachte sluit nauw aan bij zijn persoonlijke betrokkenheid bij het IvDM. “Mijn passie zit echt bij het IvDM,” vertelt hij. Vooral de combinatie van duurzaamheid, veiligheid en praktische ondersteuning spreekt hem aan. 

Met programma’s als Erkend Duurzaam en Veilig werken aan EV helpt het IvDM bedrijven om concreet aan de slag te gaan met duurzaamheid, veiligheid en vakbekwaamheid. Ook grote merken en OEM’s binnen de sector maken daar actief gebruik van. 

Vooral die praktische toepasbaarheid ziet Heinis als een belangrijke kracht van Erkend Duurzaam. Ondernemers willen geen theoretische modellen, maar concrete handvatten die aansluiten op de dagelijkse praktijk. 

Tijdens een audit van Erkend Duurzaam liep hij zelf een keer mee met een auditor van het IvDM. Daarbij viel hem vooral de professionaliteit en grondigheid van de aanpak op. Binnen het programma wordt serieus gekeken naar hoe bedrijven in de praktijk omgaan met duurzaamheid, veiligheid en bedrijfsvoering. Juist die combinatie van inhoudelijke kennis, onafhankelijke toetsing en praktische toepasbaarheid ziet hij als een belangrijke kracht van Erkend Duurzaam.  

“Ik was echt onder de indruk van hoe professioneel en serieus die audits worden uitgevoerd.”

Wendbaar blijven in een snel veranderende markt 

Erkend Duurzaam blijft relevant zolang bedrijven behoefte houden aan praktische ondersteuning en onafhankelijke toetsing. Grote merken en bedrijven binnen de sector maken nog altijd actief gebruik van de programma’s en certificeringen van het IvDM.  

Tegelijkertijd vraagt de snelheid van de markt om flexibiliteit en continue ontwikkeling. Organisaties moeten goed blijven luisteren naar ondernemers en programma’s blijven aanpassen aan nieuwe ontwikkelingen. 

Internationale concurrentie ziet Heinis daarbij niet alleen als bedreiging, maar juist ook als stimulans voor innovatie. Vooral Chinese fabrikanten ontwikkelen zich razendsnel en brengen kwalitatief sterke producten op de markt. Ook andere internationale spelers, zoals fabrikanten uit India, zullen de komende jaren een grotere rol gaan spelen 

Die concurrentie dwingt Europese bedrijven om verder te investeren in innovatie, verduurzaming en slimmer produceren. 

Optimistisch over de toekomst 

Ondanks alle uitdagingen kijkt Heinis positief naar de toekomst van de mobiliteitssector. Technologische ontwikkelingen gaan sneller dan ooit en bieden enorme kansen voor verdere verduurzaming en innovatie. 

Ook autonoom rijden zal de komende jaren steeds zichtbaarder worden. De eerste toepassingen zijn al in ontwikkeling en kunnen grote impact hebben op logistiek, openbaar vervoer en goederenvervoer. Volgens Heinis gaat die ontwikkeling uiteindelijk onvermijdelijk worden.  

Vooral voor vrachtvervoer en logistiek ziet Heinis enorme mogelijkheden. Tegelijkertijd benadrukt hij dat de sector nog maar aan het begin staat van deze technologische ontwikkelingen. 

“We zijn als mensheid nog maar net begonnen met technische vernieuwing.”

De komende jaren zullen bepalend zijn voor hoe mobiliteit er in de toekomst uit gaat zien. Daarbij blijft één ding essentieel: blijven samenwerken, blijven vernieuwen en open blijven staan voor verandering. 

En misschien minstens zo belangrijk: 

“Vergeet vooral ook de humor niet. Je mag af en toe best een beetje lachen.”

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Wij geven om jouw privacy

Wij en derde partijen gebruiken cookies op onze website voor statistische, voorkeurs- en marketingdoeleinden. Google Analytics-cookies zijn geanonimiseerd. U kunt uw voorkeur wijzigen door op `Zelf instellen` te klikken. Door op `Accepteren` te klikken accepteert u het gebruik van alle cookies zoals beschreven in onze privacyverklaring.

Powered by WP Brothers

Kies je privacyvoorkeuren

Via de cookieverklaring op onze website kun je jouw toestemming op elk moment wijzigen of intrekken. In ons privacybeleid vind je meer informatie over wie we zijn, hoe u contact met ons kunt opnemen en hoe we persoonlijke gegevens verwerken.

Noodzakelijk

Noodzakelijke cookies helpen onze website bruikbaarder te maken, door basisfuncties als paginanavigatie en toegang tot beveiligde gedeelten van de website mogelijk te maken. Zonder deze cookies kan de website niet naar behoren werken.

Voorkeuren

Voorkeurscookies zorgen ervoor dat de website informatie kan onthouden die van invloed is op het gedrag en de vormgeving van de website, zoals de taal van je voorkeur of de regio waar je woont.

Statistieken

Statistische cookies helpen ons begrijpen hoe de website wordt gebruikt, door anoniem gegevens te verzamelen en te rapporteren. Met deze informatie kunnen wij onze site blijven verbeteren voor optimaal gebruik.

Marketing

Marketingcookies gebruiken we om relevante content en advertenties te tonen op andere websites die je bezoekt, die zijn toegespitst op jouw interesses.